Les 22: Verhoudingen – breuken en geld

In deze les leert Anne je rekenen met de verhoudingstabel. Anne gebruikt als voorbeeld het uurtarief van een fietsenmaker. Om uit te rekenen wat de fietsenmaker voor 1,5 uur rekent, laat ze zien hoe je gebruik kunt maken van de verhoudingstabel.

Les 21: Breuken – aanvullen tot een hele

Anne leert je in deze les om een deel aan te vullen tot een hele. Ze laat eerst een deel van een stokbrood zien en legt uit welk deel er nog bij moet om een heel stokbrood te krijgen. Daarna leert ze je hoe je een som met twee breuken kunt maken, die samen een

Les 19: Minsommen onder elkaar (t/m 5000)

Anne leert je in deze les twee grote getallen op de juiste manier onder elkaar te schrijven, zodat je ze gemakkelijk van elkaar af kunt trekken. Natuurlijk doet ze voor hoe je de minsom kunt uitrekenen. Ook leert ze je hoe je kunt ‘lenen bij de buren’ (en bij de buren van de buren).

Les 18: Plussommen onder elkaar (t/m 5000)

In deze les leert Anne je twee grote getallen op de juiste manier onder elkaar te schrijven, zodat je ze gemakkelijk bij elkaar op kunt tellen. Natuurlijk doet ze voor hoe je de optelsom kunt uitrekenen. Ook leert ze je hoe je ‘de tientjes bij de buren’ kunt noteren.