Les 23: Plus onder elkaar met geld
In deze les leert Anne je om geldbedragen met een komma onder elkaar uit te rekenen.
In deze les leert Anne je om geldbedragen met een komma onder elkaar uit te rekenen.
In deze les leert Anne je hoe je keersommen met geldbedragen, zoals 5 x 6,25 euro = …, splitsend kunt uitrekenen.
In deze les leert Anne je hoe je kunt uitrekenen hoeveel korting je krijgt bij producten die in de aanbieding zijn. Ze laat zien hoe je geldbedragen kunt aanvullen en van elkaar af kunt trekken om zo tot het antwoord te komen.
Anne leert je in deze les hoe je geldbedragen kunt delen. Ze laat je bijvoorbeeld zien hoe je 12,30 euro over 6 kinderen verdeelt of 4,00 euro over 8 kinderen verdeelt. Natuurlijk is er in deze les ook weer ruimte om met haar mee te denken!
In deze les legt Anne uit hoe je geldbedragen met een komma kunt afronden. Daarna leert ze je hoe je een totaalbedrag van een kassabon kunt schatten.
In deze les leert Anne je hoe je geldbedragen kunt afronden en het totaalbedrag kunt berekenen. Ook leert ze je hoe je het wisselgeld berekent.
Anne leert je in deze les hoe je geldbedragen met een euroteken en komma (2,50) uitspreekt en opschrijft. Ook leert ze je hoe je prijzen, zoals 2,99, kunt afronden. Als laatste leert ze je minsommen met geldbedragen tot 20 euro op te lossen.
In deze les laat Anne je de biljetten van 5, 10, 20, 50, 100, 200 en 500 euro zien. Daarna leert ze je grote geldbedragen samen te stellen met munten en biljetten.
In deze les leert Anne je geldbedragen, zoals 1 euro en 50 cent, met munten van 5, 10, 20 en 50 cent te betalen.
Anne kocht verschillende dingen bij de bakker en kreeg een kassabon. Ze laat je zien hoe een kassabon eruitziet en hoe je geldbedragen bij elkaar optelt. Daarna bedenkt ze wat ze morgen bij de bakker wil halen. Samen met haar vul je de kassabon in en reken je uit hoeveel ze in totaal moet betalen.
No account yet?
Create an Account