Rijgen: een belangrijke rekenstrategie op de basisschool
Een van de belangrijkste rekenstrategieën in de onderbouw is rijgen. Misschien denk je gelijk aan kralen en daar heeft het
Wat betekent het getal 0,24? Wat is het kommagetal 0,24 waard? Volwassenen kunnen het al knap lastig vinden om zich hier een voorstelling van te maken. Hoe kan het voor een basisschoolleerling dan duidelijk worden? Hier lees je, hoe je kommagetallen betekenis kunt geven, zodat een kind het beter gaat begrijpen.
Kinderen in groep 6 kennen het kommagetal al van het rekenen met geld. Geldbedragen bestaan immers (bijna) altijd uit hele euro’s en centen. Meestal wordt bij het rekenen in groep 6 het kommagetal als ‘deel van een geheel’ geïntroduceerd. De kinderen leren dat 0,5 hetzelfde betekent als ½ deel. Ze begrijpen dat een hele cirkel, waarvan 0,5 gekleurd is, voor de helft gekleurd is. Ze kennen ook de breuk, die bij dit getal hoort.

Bij het rekenen in groep 7 breidt een kind het begrip van kommagetallen uit. Zo leert een kind in groep 7 wat het getal 0,24 waard is. Voordat een kind getalbegrip van tienden en honderdsten ontwikkelt, leert het eerst de waarde van de getallen voor de komma: de eenheden, tientallen, honderdtallen, duizendtallen, tienduizendtallen, honderdduizendtallen enzovoort. Als dit getalbegrip is ontwikkeld, wordt het tijd om te starten met kommagetallen.
Neem het getal 0,24. De plek gelijk achter de komma is de plek van de tienden. In dit getal zitten dus 2 tienden. De plek ernaast, is de plek van de honderdsten. In dit getal zitten dus 4 honderdsten.

Dit getal kun je splitsen in 0,2 en 0,04.

Een voorstelling maken van waarden achter de komma, is minder makkelijk dan een voorstelling maken van de de plekken vóór de komma. Neem het getal 736. Als ik me een voorstelling van de 3 op de plek van de tientallen moet maken, denk ik gelijk aan 30 ijsjes.
Om een voorstelling van 2 tienden te maken… daar moet ik echt even goed over nadenken. En als ik aan 4 honderdsten denk, dan begint het me helemaal te duizelen. Je bent dus niet de enige.
Even tussendoor… Wist je dat op deze website meer dan 300 rekenvideo’s staan? In de video’s geef ik rekeninstructie, zoals die op de basisschool ook wordt gegeven. Met mijn video’s help ik heel veel kinderen.
In deze rekenvideo geef ik uitleg over kommagetallen bij het meten.
Wil je jouw kind ook helpen? Meld je dan aan en krijg toegang tot meer dan 300 rekenvideo’s en bijbehorende werkbladen!
Achter de komma staan alle getallen, die kleiner zijn dan een hele. Het eerste getal achter de komma, staat op de plek van de tienden. De 2 stelt dus 2 tienden voor. Je weet wel, de breuk 2/10. Nu kun je je er misschien beter een voorstelling van maken. Denk maar aan 2/10 deel van een pannenkoek.

Het kommagetal 0,2 betekent dus 2/10 deel.
Gaan we gelijk doorrrr… met het getal 4 uit 0,24. Die 4 staat op de plek van de honderdsten. Ook dit kun je als breuk opschrijven. Dan krijg je de breuk 4/100.
Misschien lukt het je nu al om hier een betere voorstellen van te maken. Denk maar aan een pannenkoek, die in 100 stukken is verdeeld en waar je stukken van mag opeten.

Na het eten van 4/100 deel van een pannenkoek zul je vast nog trek hebben…
Dan terug naar het getal 0,24. Zo ziet 0,24 pannenkoek eruit:

Wees eerlijk, heb je ooit iemand horen zeggen, dat hij 0,24 pannenkoek had opgegeten? Ik in ieder geval niet. Waar kom je deze kommagetallen dan wel tegen?
Kommagetallen, zoals het getal 0,24 kom je regelmatig bij geldbedragen tegen. In de blog ‘Getallen met twee decimalen’ leg ik uit, hoe je geld kunt gebruiken bij het getalbegrip van kommagetallen. In deze blog ga ik door met mijn volgende punt: kommagetallen bij tijdnotatie.
Kommagetallen bij tijdnotatie, je komt het vaker tegen dan je denkt. Ik heb het nu niet over: ‘Hey, hoe laat is het nu? Het is 7 uur, 45 minuten, 51 seconden en 3 tienden van een seconde.’ Daar heb je niet zoveel aan. Waar je de kommagetallen dan wel tegenkomt, vertel ik zo. Eerst is het belangrijk, dat een kind ervaart hoe snel een tiende en een honderdste van een seconden voorbij vliegen.
Op de stopwatch zie je hoe snel seconden voorbijgaan. Om het getalbegrip van kommagetallen bij je kind te vergroten, kun je deze rekenoefening gebruiken.
Voor deze oefening heb je een stopwatch of een mobiele telefoon met deze functie nodig.
1. Zet de stopwatch aan.
2. Laat je kind in zijn handen de seconden meeklappen.
3. Laat hem zien, hoe snel de tienden van een seconde op de stopwatch voorbijgaan. Zeg erbij, dat dit tien keer zo snel is en dat er 10 tienden van een seconde in een hele seconde passen.
4. Laat je kind nu proberen om met de tienden mee te klappen. Kan hij 10 keer in een seconde zijn handen klappen? Dat is een hele uitdaging, hè?
5. Laat je kind nu naar de honderdsten van een seconde kijken. Het gaat zo snel, dat je niet eens goed kunt zien, welk getal er voorbijkomt. Zeg erbij, dat het honderd keer zo snel gaat als een seconde en dat er 100 honderdsten van een seconde in een hele seconde passen.
Het heeft geen zin om te proberen om 100 keer in je handen te klappen, want dat gaat echt niet lukken! Toch zal je kind nu beter begrijpen, wat er met tienden en honderdsten wordt bedoeld wordt en hoe snel ze bij een tijdopname voorbijvliegen.
Bij sportwedstrijden moeten de getallen achter de komma wel gebruikt worden, want de sporters finishen vaak snel achter elkaar. Tussen de eindtijden zit geen verschil van hele seconden, maar wel een verschil tussen de tienden en honderdsten van een seconde. Omdat een schaatswedstrijd dicht bij de belevingswereld van een kind ligt, is het extra leuk om het onderstaande voorbeeld in je rekeninstructie mee te nemen.
Zoek een foto op van Femke Kok, een Nederlandse schaatster.
Ze schaatste de sprintafstand 500 meter in 37,28 seconden. Ze deed er dus 37 seconden, 2/10 van een seconde en nog 8/100 van een seconden over om 500 meter te schaatsen. Knap, hè!
Femke werd op deze 500 meter tweede. De eerste plek ging naar een Russin: Angelia Golikova. Zij deed er 37.14 over. De derde plek ging naar een andere Russin: Olga Fatkoelina. Zij haalde de eindstreep in 37,45.
Kun je zien hoe klein het verschil tussen de eindtijden is?
Angelina: 37.14
Femke: 37.28
Olga: 37.45
(Zie je, dat de komma hier is ingeruild voor een punt? Ook zie je soms, dat er een dubbele punt wordt gebruikt. Let er maar eens op!)
Nu kun je je kind helpen, om zich een voorstelling te maken van het verschil tussen deze eindtijden. Je kunt de stopwatch weer pakken om het nog duidelijker te maken.
Voor deze oefening heb je een stopwatch of een mobiele telefoon met deze functie nodig.
1. Schrijf een getal tussen de 10 en 20 op papier. Het getal moet twee decimalen hebben (oftewel: het getal moet twee cijfers achter de komma krijgen). Voor dit voorbeeld gebruik ik het getal 18,37.
2. Laat je kind de stopwatch bij precies 18,37 seconden op stop zetten. Hij mag het drie keer proberen. Noteer de tijden.
3. Welke tijd komt het dichtst in de buurt van de 18,37 seconden?
Is het je gelukt om de stopwatch precies op 18,37 seconden te stoppen?! Hou op, schei uit! Echt? Stuur me dan even een mailtje met een foto van deze tijd in de bijlage. Wie gaat het lukken?


Anne Schouten
Oprichter en mede-eigenaar van Les van Anne, afgestudeerd als leerkracht basisonderwijs, Intern Begeleider en Remedial Teacher.
“Wat een verschil maakt het, als een kind op zijn/haar eigen tempo leert rekenen. Eerst terug naar wat een kind al wél weet en van daaruit stappen maken. Zo blijft het leren leuk. De goede resultaten volgen dan vanzelf. Dit gun ik elk kind.”
Niet alle kinderen gaat het rekenen gemakkelijk af. Misschien heb je op school te horen gekregen, dat jouw kind moeite heeft met dit onderdeel van het rekenen. Of misschien heb je het zelf opgemerkt of heeft jouw kind zelf aangegeven het niet allemaal te begrijpen. Dan is het tijd om ermee aan de slag te gaan! En dat doe je zo!
Iets nieuws leren begint met het volgen van een instructie. Door onze instructievideo’s voor groep 2 t/m 8 krijgt jouw kind de kans om de rekeninstructie, die ook op zijn/haar basisschool is gegeven, nog eens (of meerdere keren) te volgen. Door onze bijbehorende werkbladen kan jouw kind vervolgens nog eens met de leerstof oefenen. Voor veel kinderen maakt dit alleen al een enorm verschil! En dat is niet alles!
Elk kind leert op zijn eigen tempo en heeft zijn eigen niveau. Dit kan per rekencategorie erg verschillen. Het kan best zijn, dat jouw kind heel goed kan klokkijken, maar dat het automatiseren van de tafels maar niet lukt. Of dat de tafels er allang in zitten, maar het kwartje met betrekking tot breuken nog niet gevallen is. Dit is de reden dat jullie op ons platform toegang tot alle leerjaren van de basisschool krijgen. Jouw kind krijgt hierdoor ook de kans om de rekeninstructies van een leerjaar terug of een leerjaar verder te volgen. Iets waar de meeste basisscholen niet (consistent) in kunnen voorzien. Je kind werkt dus écht op zijn eigen tempo en op krijgt op zijn eigen niveau instructie. Dat is uniek en dé manier om zelfvertrouwen voor rekenen op te bouwen en de scores te verhogen.
Ga direct aan de slag en meld je hier aan!

Benieuwd naar de rekenlessen over kommagetallen? Je vindt ze hier:
GROEP 6 LES 32 Het kommagetal
GROEP 6 LES 34 Kommagetallen bij het wegen
GROEP 6 LES 53 Kommagetallen bij het meten
GROEP 7 LES 7 Keersommen met komma onder elkaar
GROEP 7 LES 10 Getallen met twee decimalen
GROEP 7 LES 19 Kommagetallen delen door 10 en 100
GROEP 7 LES 21 Maten met komma omrekenen
GROEP 7 LES 23 Van breuk naar kommagetal
GROEP 8 LES 1 Van gemengd getal naar kommagetal
GROEP 8 LES 3 Kommagetallen vermenigvuldigen
GROEP 8 LES 5 Kommagetallen afronden
GROEP 8 LES 8 Kommagetallen door elkaar delen
Een van de belangrijkste rekenstrategieën in de onderbouw is rijgen. Misschien denk je gelijk aan kralen en daar heeft het
In groep 6 gaat er een hele nieuwe rekenwereld open: er komen kommagetallen om de hoek kijken. Kinderen merken ineens
Verwarring over rekenniveau 1F Over rekenniveau 1F bestaat veel verwarring. Er is een grote misvatting over welke rekenstof een leerling
Op de basisschool leren kinderen tegenwoordig vaak rekenen met een methode die kolomsgewijs rekenen heet. Daarbij tel je de honderdtallen,
Voor veel kinderen herkenbaar: rekenen staat op een vaste plek op het rooster. De bel gaat, de rekenles begint en
Dobbelstenen gebruik je misschien vooral bij spelletjes, maar wist je dat ze een belangrijk hulpmiddel zijn om kinderen te leren
No account yet?
Create an Account
Wij gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren, siteverkeer te analyseren en gepersonaliseerde content aan te bieden. Door op Alles accepteren te klikken stemt u in met ons gebruik van niet-essentiële cookies. Lees ons cookiebeleid.
Kies welke soorten cookies u wilt toestaan: